Duurzame energie! Duurzame koffie! Duurzame medewerkers???

In een tijd waarin vrijwel alles lijkt te draaien om duurzaamheid, kijken we daarbij meestal naar het milieu. We doen er alles aan om zo weinig mogelijk te verspillen, zoveel mogelijk te recyclen. We wekken duurzame energie op, bouwen duurzaam en eten zelfs duurzaam.

Ook in het bedrijfsleven is duurzaamheid tegenwoordig niet meer weg te denken. We steken veel tijd, geld en energie in het verduurzamen van ons bedrijf. Bij veel bedrijven liggen zonnepanelen op het dak die duurzame energie opwekken, wordt duurzaam geteelde koffie gedronken uit recyclebare bekertjes en is de printer in de ban gedaan om papierverspilling te voorkomen. Maar hoe duurzaam gaan we eigenlijk met mensen om? Duurzaam ondernemen betekent tenslotte ook aandacht voor Duurzame Inzetbaarheid.

Veel bedrijven besteden weinig of geen aandacht aan de duurzame inzetbaarheid. Vaak is het een ‘ver van mijn bed show’. Als ik aan managers vraag wat zij doen om hun medewerkers duurzaam inzetbaar te houden, hoor ik niet zelden: ‘Niet zo veel – Het gaat toch goed zo?’ of ‘Dat is alleen interessant voor heel grote bedrijven!’ Of ‘Wij hebben niet zoveel oudere werknemers in dienst, dus dat is voor ons niet belangrijk’. Maar is dat wel zo?

In dit artikel zal ik een aantal hardnekkige fabels over Duurzame Inzetbaarheid ontkrachten.

Fabel 1 – Duurzame inzetbaarheid gaat alleen over oudere medewerkers

Veel bedrijven besteden weinig of geen aandacht aan de duurzame inzetbaarheid. Vaak is het een ver-van-mijn-bed-show. ‘Niet voor ons – wij zijn een jong bedrijf!’, ‘Het gaat toch goed zo?’, ‘Dat is alleen interessant voor heel grote bedrijven’.

Duurzame inzetbaarheid; niet iedereen heeft een goed beeld van wat het inhoudt. Op deze plek wil ik een aantal hardnekkige fabeltjes over Duurzame Inzetbaarheid ontkrachten. 'Duurzame inzetbaarheid gaat alleen over oudere medewerkers' is de eerste. 

Waar denk jij aan als je ‘duurzame inzetbaarheid’ hoort? De kans is groot dat het eerste wat in je opkomt iets in de trant van ‘oudere werknemers’ is. Dat is niet zo vreemd. Voor veel mensen is duurzame inzetbaarheid gelijk aan langer doorwerken. Mensen blijven steeds langer actief in het arbeidsproces. We worden gemiddeld steeds ouder. Regelingen als pre-pensioen en VUT zijn al jaren geleden afgeschaft. De AOW-gerechtigde leeftijd (pensioenleeftijd) wordt sinds 2013 stapsgewijs verhoogd. In veel branches is er een tekort aan goede medewerkers.

Hoewel langer doorwerken zeker een onderdeel is van duurzame inzetbaarheid, is het maar een klein onderdeel van een groter geheel. Want als we pas aan inzetbaarheid gaan denken als medewerkers al tegen hun pensioenleeftijd aanlopen, zijn we veel te laat. De basis voor langer doorwerken wordt al op jonge leeftijd gelegd. Als we straks langer door willen werken, moeten we daar nu al aan denken. Met een gezonde leefstijl bijvoorbeeld. Door het stimuleren van doorlopende scholing en ontwikkeling. Door het HR-beleid aan te passen aan de behoeften die spelen in verschillende levensfasen.

Duurzame inzetbaarheid begint voor een organisatie al op de dag dat iemand in dienst treedt. Of ze nu 20 of 65 zijn. Duurzame inzetbaarheid gaat niet alleen over oudere medewerkers – het gaat over medewerkers van alle leeftijden.

Fabel 2 - Duurzame inzetbaarheid gaat vooral over vitaliteit en gezond eten

Ik hoor wel eens: ‘Duurzame inzetbaarheid? Gaat dat niet over een fruitschaal en yogalessen op het werk?’ Jammer, want dat is een veel te beperkte kijk op het onderwerp. Duurzame inzetbaarheid; niet iedereen heeft een goed beeld van wat het inhoudt. Eerder stelde ik al dat het bij Duurzame Inzetbaarheid niet alleen over oudere medewerkers gaat. Hier een tweede hardnekkige fabel: Duurzame inzetbaarheid gaat vooral over vitaliteit en gezond eten.

Ja natuurlijk! Een gezonde leefstijl is zeker een onderdeel van duurzame inzetbaarheid. Wanneer we ons lichaam gezond houden, zijn we beter in staat om ons werk te doen. Ook op latere leeftijd. Maar er is heel wat meer dan een gezond lichaam nodig om duurzaam inzetbaar te zijn.

Zo speelt bijvoorbeeld ook mentale gezondheid een belangrijke rol. Stress is tenslotte beroepsziekte nummer één. Volgens schattingen heeft ruimt 10% van de werkenden – 1 miljoen mensen – in Nederland in enige mate last van overspannenheid of burn-out klachten. Vaak met (langdurig) ziekteverzuim tot gevolg. Het mag duidelijk zijn dat dit een enorme impact heeft op de inzetbaarheid van medewerkers. Alle reden dus om hier binnen de organisatie aandacht aan te besteden.

Maar ook met lichamelijke en mentale gezondheid zijn we er nog niet. De wereld om ons heen verandert voortdurend. Organisaties veranderen. Medewerkers zullen daarin mee moeten veranderen. Daar is meer voor nodig dan alleen een goede gezondheid. Doorlopende ontwikkeling,  aanpassingsvermogen en aandacht voor morgen zijn daarom sleutelwoorden bij duurzame inzetbaarheid. Zowel voor de medewerkers als voor de organisatie.

Fabel 3 - Duurzame inzetbaarheid is toch iets voor grote bedrijven?

‘Duurzame inzetbaarheid? Dat is toch helemaal niet interessant voor een bedrijf van onze omvang? Daar zijn wij toch veel te klein voor!’ In de praktijk blijken het vooral grote bedrijven te zijn die aandacht besteden aan duurzame inzetbaarheid. Dat is eigenlijk heel raar. Want ook bij middelgrote en kleine bedrijven spelen issues als vergrijzing en ontgroening, langdurig ziekteverzuim, topmedewerkers die het bedrijf verlaten, etc. Dit kost bedrijven veel geld. Een medewerker die thuiszit met een stevige burnout, is een flinke tegenslag voor het bedrijf en voor de medewerker in kwestie. Bovendien kost het een bedrijf al snel een ton – of het bedrijf nu klein, middelgroot of heel groot is.

Vertrekkende medewerkers, langdurig ziekteverzuim, underperformance: het is maar een greep uit de problemen die beperkt kunnen worden door meer aandacht te besteden aan duurzame inzetbaarheid. Maar werken aan duurzame inzetbaarheid bespaart niet alleen kosten, het levert ook op. De effecten van hogere productiviteit, gemotiveerde medewerkers en een goede naam op arbeidsmarkt zijn al snel terug te zien. Alle ingrediënten voor een sterke business case zijn aanwezig.

Dus hoe groot het bedrijf ook is, aandacht voor duurzame inzetbaarheid is zeker interessant – zelfs noodzakelijk – om vandaag, morgen en in de toekomst een ijzersterk bedrijf te hebben.

 

In de komende weken zal ik dit artikel aanvullen met andere, hardnekkige fabels over Duurzame Inzetbaarheid!

 

Submitted by Lenneke Brouwers on 16/06/2020 - 11:34